homeacademieactueel interviews met (oud-)studenten (9) Interview Amin Haghighizadeh
vorige | 123456789 | volgende

Interview Amin Haghighizadeh

Afgelopen woensdag ging de afstudeerfilm van Amin Haghighizadeh tijdens het IDFA (International Documentary Film Festival Amsterdam) in première. Drie dagen draaide de film in verschillende zalen in Amsterdam waarbij Amin ook in gesprek ging met zijn internationale publiek.
Voor de uitverkochte zaal van 270 man gaf Amin in de Brakke Grond een toespraak van 3A-tjes lang.
Vandaag ga ik met hem in gesprek over het IDFA, zijn film Komma (,) en zijn toekomst als documentairemaker.

still uit de film Komma

Hoe was het vorige week tijdens het IDFA?
Heel spannend, maar het was ook heel goed.
Tijdens de eerste toespraak trilde mijn stem soms nog maar gelukkig ging dat na twee Q&A sessies beter. Daarnaast brengt de selectie voor het IDFA een aantal voordelen met zich mee zoals een publicatie en veel internationale aandacht. Ik heb mailtjes ontvangen van diverse internationale festivals, omroepen en sales agents. Dat biedt perspectieven.


Toen Amin afgelopen zomer afstudeerde aan AKV|St.Joost werd hem ontraden om direct filosofie te gaan studeren – een wens die hij nog altijd koestert – omdat hij als filmmaker zoveel potentie heeft. In zijn werk zie je de filosofische onderlaag wel terug, die maakt dat de film ook na meerdere keren kijken nog stof tot nadenken geeft.
Ik geef mezelf twee jaar om documentaires te gaan maken, waarbij ik aan drie projecten tegelijk wil werken. Mocht dat niet lukken dan ga ik alsnog filosofie studeren.

Plotseling merkt Amin op: Ik had mijn telefoon uit moeten zetten. Hij pakt de telefoon uit zijn tas en zet hem uit. In Iran, vervolgt hij, zetten mensen zelfs in de bioscoop hun telefoon niet uit. Dit doet me realiseren hoeveel ik ben veranderd. Tijdens het IDFA, in de bioscoop, werd ik soms ook gebeld door familie uit Iran en als ik ze dan later aan de telefoon had, vroegen ze waarom ik niet gewoon opnam in de bioscoop. Een duidelijk cultuurverschil.

Amin komt in 2000 naar Nederland. Hij is 16 jaar oud als zijn vader beslist dat het niet langer veilig voor Amin is in Teheran. Zijn vader zal later in Teheran worden vermoord.

De kamer in het AZC, still uit de film Komma

Hoe is die eerste periode in Nederland praktisch gezien voor je geweest?
Ik kwam in een asielzoekerscentrum (AZC) terecht in Oisterwijk waar ik na een schakeljaar en een integratietraject voor minderjarigen door het COA (Centraal Orgaan opvang asielzoekers) werd aangemeld voor een ICT-opleiding. Na twee jaar betaalde ze het collegegeld echter niet meer waardoor ik met deze opleiding moest stoppen. Via het UAF (Stichting voor Vluchteling Studenten) kreeg ik in 2003 de mogelijkheid om weer te gaan studeren. Ik heb me toen aangemeld bij AKV|St.Joost. Maar pas na het generaal pardon in 2007 kwam ik in aanmerking voor studiefinanciering.

Komma is de titel van de film waarmee je afgelopen jaar afstudeerde. Je koos deze titel omdat je, na je reis naar Teheran, inziet dat je jouw verleden niet achter je kunt laten.
Je laat in je film zien dat er geen kosten- en baten analyse gemaakt kan worden van jouw ervaring, van het gevoel van heimwee dat in de jaren in Nederland bepalend voor je is geweest.
Ook al kun je de waarde ervan niet bepalen misschien is de beleving van het gevoel van heimwee wel veranderd nu je terug bent?

In de film vertel ik dat ik met herinneringen leefde, en dat doe ik nog steeds. Met het verschil dat ik nu bewust ben van het feit dat bepaalde herinneringen niet meer bestaan.
Een maand geleden ben ik weer terug gegaan naar Teheran. In die twee weken dat ik er was voor zaken wilde ik er ook achter komen of de vervreemding van mijn leven in Iran, die ik tijdens mijn eerste reis ervaarde, echt was. En dat is het geval. Ik voel me in Nederland nu meer thuis. Ik kan hier zo veel meer.
Daarnaast bestaat een groot deel van mijn herinneringen niet meer. Ik heb in Iran dus ook niet veel meer te zoeken. Alleen familie. Maar dat is ook niet meer hoe het vroeger was.
Vroeger in Iran was vrijdag de vrije dag, dan bezochten we onze familie. De mensen waren op die dag altijd heel lief voor elkaar. Door onder meer de economisch slechte situatie waarin Iran zich bevindt is die vrijdag ook niet meer wat die geweest is. De problemen zijn erg tastbaar. Je ziet wat armoede met mensen doet. Geloof en liefde, het verdwijnt naar de achtergrond.
Toen ik terugkwam in Schiphol ervaarde ik alles als zo kleurrijk, de mensen waren zo aardig tegen elkaar. In Iran is de kleur van de stad momenteel grijs.

Hoe mensen met elkaar omgaan bepaalt de kleur van de omgeving?
Ja. Ik merk dat ik in Nederland heel vrolijk word. Iraanse vrienden worden ook boos op mij omdat ik zo positief over Nederland praat en zo negatief over Iran. Ze zijn trots op hun land, haar geschiedenis en cultuur. Het is een heel beschaafd volk. Maar door een aantal omstandigheden zoals politiek en economie is de cultuur erg veranderd. Ik heb het idee dat die verandering tien jaar geleden zijn intrede heeft gedaan terwijl er in die tien jaar in Nederland niet veel is veranderd.

Ervaar je dat niet juist zo omdat je die tien jaar in Nederland bent geweest? Ik ervaar namelijk juist hier in Nederland een verharding van de cultuur door de economische crisis. In Nederland wordt steeds meer vanuit efficiëntie gedacht.
Ik lees hier de krant en kijk het nieuws, ik weet dat Nederlanders materialistisch worden. Maar in Iran zijn de veranderingen tien keer groter. Maar misschien ervaar ik inderdaad mede zo door de afstand die ik heb van Iran.

Misschien neemt de economische druk in zowel Nederland als Iran toe maar is de druk op de menselijkheid in Iran zo veel groter door de politieke onvrijheid daar?
Ja, dat denk ik ook.

Je jeugdvriend Ashkan beschrijft in je film de politieke onrust in Teheran. Heeft de publiciteit van deze film voor hem gevolgen?
Ik heb de film niet als politieke film gemaakt.
Tijdens de montage van de film hebben we over elk beeld, over elk geluid nagedacht. Ik vertel dit nu voor het eerst, maar er zitten meerdere lagen in de film die je pas ziet na meerdere keren kijken. Zo zullen er voor Iraanse kijkers politieke en sociale aspecten herkenbaar zijn die dat niet voor de Nederlander zijn. Als je de film oppervlakkig bekijkt zal je hem zien als persoonlijke film. Als iemand uit Iran de verschillende lagen ziet, zou dat voor mij consequenties kunnen hebben, maar niet voor anderen. Die blijven anoniem. Ashkan hoeft ook niet zijn echte naam te zijn.

Ashkan zegt in Komma dat je kan worden opgepakt als je in Iran filmt.
Waar je ook vandaan komt, dus ook als Iraniër, als je in Iran wilt filmen moet je altijd toestemming vragen bij het ministerie voor cultuur en het is niet makkelijk die toestemming te krijgen.
Als je voor een Westerse omroep filmt kun je een gevaar vormen voor de Iraanse politiek dus dat is niet toegestaan.

Ervaar je hier in Nederland volledig politieke vrijheid?
Ja, ik ervaar hier politieke vrijheid en in Iran niet. Maar wat versta je onder vrijheid? Als documentairemaker of journalist ben je nooit vrij om alles te maken wat je wilt.
Zo maakte een vriend van mij in Nederland een film over de Koninklijke familie. De omroep waarmee hij samenwerkte raadde hem sterk af er aan verder te werken omdat hij dan problemen kan krijgen met de AIVD. Ook hier zijn dus bepaalde kaders, maar zolang je daar binnen blijft ben je heel erg vrij. In Iran is er helemaal geen vrijheid. In Iran is alles politiek gebonden. Er is geen scheiding tussen kerk en staat en dus hangt al het politieke samen met de Islam en dat heeft gevolgen voor de wetgeving die daar uit voortvloeit.
Elk gesprek tussen mensen, bijvoorbeeld in een taxi, begint simpel maar wordt al heel snel politiek. Als de chauffeur zegt: ‘Wat een file’ en een mevrouw reageert daar op door te zeggen: ‘Dat komt omdat de mensen hier nooit willen evolueren’. Dan is het gesprek al politiek geworden.

Met als resultaat: je kunt alleen oppervlakkige gesprekken voeren.
De enige plek waar je overal over kan praten in Iran is thuis, daar buiten niet. Daar wordt je altijd in de gaten gehouden en dat pijn. De mensen zijn het zat maar kunnen er niets aan veranderen.
Maar in Iran is alles te vinden, je hebt er ook feestjes met groene en rode laserlampen, alcohol en drugs. Maar het gebeurt op voor de politiek onzichtbare plekken, zoals bijvoorbeeld midden in de woestijn of bij mensen thuis.
Soms lekt het wel uit met als gevolg boetes of zweepslagen.

En toch gaat het door.
Ja, je kunt in Iran wel paardrijden, voetballen etc. Maar op een bepaalde leeftijd willen mensen toch ook andere dingen.

Overzicht over Teheran, still uit de film Komma

Zou je nog terug kunnen gaan naar Teheran als je het zou willen?
Ik kan terugkeren. Toen ik voor mijn film zes weken naar Teheran ging was ik bang dat ik in de problemen zou komen, maar dat gebeurde niet. Toch wil ik niet meer terug. Ik wil films maken over de sociale problemen in Iran. Als filmmaker ga je op zoek naar een interessant probleem, en die zijn er in Iran in overvloed. Vanuit Nederland kan ik die films maken.

Waar ben je nu mee bezig?
Ik heb drie filmplannen waarbij de dubbele gebondenheid van mijn persoonlijkheid een belangrijke rol speelt. Deze dubbele gebondenheid helpt me films te kunnen maken die autochtonen niet kunnen maken.
Zo gaat één van de drie projecten over uitgeprocedeerde asielzoekers die 28 dagen te tijd krijgen om uit Nederland te vertrekken. Doen ze dat niet dan worden ze verplicht om te vertrekken. Ik heb ooit in dezelfde situatie gezeten maar toen is in hoger beroep bepaald dat ik toch mocht blijven.
De film die ik wil maken laat de drie opties zien die je als asielzoeker in dat geval hebt. Illegaal blijven, naar een derde bestemming op zoek gaan of terugkeren.
Daarnaast wil ik een film maken over gesprekken in de taxi in Teheran en een film over jonge allochtonen die opgroeien in Nederland. Het culturele conflict is wat ik wil onderzoeken. Wat valt er binnen en wat buiten een cultuur.

Dat is filosofisch gezien ook een heel interessante vraag: wat bepaalt je identiteit? Wat betekent het om daarvan te vervreemden. Vragen die jij onderzoekt in je werk.
Het gaat me om de verschillen tussen de verschillende culturen. Het conflict en hoe je daar mee om kan gaan.

Voor autochtonen is die vraag natuurlijk ook wezenlijk.
Inderdaad. Psychologie en filosofie helpen me bij dit vak om de maatschappij en de sociaal maatschappelijke problemen beter te leren kennen.

Als je in een AZC zit is het heel moeilijk om contact te maken. Je wordt vaak door de gemeenschap afgewezen, buitengesloten. Letterlijk ook want vaak bevinden de AZC’s zich buiten de stad of het dorp. Ze hebben wel open dagen maar daar komen - als er mensen op af komen - vaak ouderen op af. Ik heb me in het AZC altijd geïsoleerd gevoeld. De hekjes en slagbomen maken dragen bij aan dat gevoel. Je hebt afstand tot de gemeenschap en de gemeenschap tot jou. Dit in tegenstelling tot bijvoorbeeld in Duitsland waar asielzoekers gewoon in de stad tussen de autochtonen wonen. Die afstand maakt je heel onzeker. Contact maken is moeilijk. Pas in het derde jaar van AKV|St.Joost verbeterde, door contact met mijn Nederlandse medestudenten, mijn Nederlands, waardoor ik vrienden kon maken. Als dat niet gebeurt blijf je geïsoleerd.

Ik hoop en denk dat je film helpt bij te dragen aan de bewustwording.
Dat zeggen meer mensen, dat werkt voor mij heel motiverend.

En kun je rondkomen als beginnend talentvol documentairemaker?
Ik heb nu de WWIK, maar dat is niet genoeg. Mijn vaste lasten overschrijden dat bedrag. Ik maak naast mijn documentaires ook commercials en monteer om een extra inkomen te vergaren. Maar het aantal opdrachten wisselt nog. En wat betreft subsidies: ook al lijkt het bedrag daarvan soms hoog, ze verschaffen maar een heel minimaal inkomen. Je kunt het beste meerdere projecten tegelijk hebben, dat raadden de docenten mij ook aan, dan verdien je net genoeg om het bol te werken.

Bekijk de film van Amin via onze filmsite (lichting 2011)!

www.kommadefilm.nl

Tekst en interview: Marinke Marcelis Breda 29-11-11

vorige | 123456789 | volgende